Geschiedenis van het begrip "Salsa"

Clave - Roots - Salsa "saus" - Zouk - Emigranten - New York
Cuba - Salsavormen - El Son - Salsa - Merengue

Nog steeds op zoek naar een eigen gezicht
Een eerste ontmoeting van een onwennig oor met salsa, doet denken aan een reünie van individualistische musici die omwille
van een gage toch maar even met elkaar musiceren. Een vreemd pandemonium van westerse en niet westerse instrumenten. Zonder meer een onrustig geheel vol met syncopen, rare accentverschuivingen, een koor dat zichzelf herhaalt en slagwerkers die de draak steken met een 'geheimzinnig' ritmisch patroon. Verder een pianist die er constant de voorkeur aan geeft zijn piano als een drumstel
te behandelen. Het gaat trouwens nog verder. De bassist is ook altijd te vroeg of te laat met zijn accenten. Salsabassisten spelen al
het 'effe kan' het liefst op een Ampeg Bay Bass. Een rechtopstaande elektronische contrabas van hout en glasvezel met een eigen percussie toonvorming. Eind jaren vijftig kwamen ze op de markt. In het begin van de jaren zeventig echter haalde de fabrikant de
Ampeg Bay Bass uit de roulatie. Ze moesten plaatsmaken voor de moderne basgitaren in de rocktraditie.                                                                

Clave
Salsa is een muziekvorm, opgebouwd uit verschillende in elkaar vervlochten ritmische patronen en een melodie die bij gratie van het ritme het geheel versiert. Ingewijden hebben van dit alles geen last en voegen er enkele puntige danspasjes aan toe. Het luchtige geheel blijkt na enige tijd toch nog rondom een structuur te draaien. Een zich steeds herhalend vast ritmisch motief, dat bij elke Latin-muzikant bekend staat als de clave. Een feeling afkomstig uit West-Afrika die in het Caribisch gebied uitgegroeid is tot een ritmisch patroon, dat miljoenen Salseros in de ban houdt. Vroeger stond er in het orkest iemand op twee hardhouten stokjes dat motief, de
clave, te tikken. Tegenwoordig is de fysieke aanwezigheid van dat instrument op de achtergrond geraakt. Elke muzikant wordt echter geacht het motief te allen tijde bij zich te dragen. Zand, dans en muziek zijn in de salsa zeer sterk met elkaar verbonden. Alle drie gehoorzamen ze aan het ritme van de clave. Elke muzikant musiceert op en om de clave heen. Zo is het arrangement geschreven en
het geheel moet 'in' die clave klonken. Doet men dat niet, dan 'wringt' het geheel en al snel is de muzikant dan uit de clave, Het vlechtwerk rondom dat motief kan op een gegeven moment zo hecht in elkaar zitten dat er bij de aanwezigen een gevoel van welbehagen ontstaat. "E ta zona sera", luidt het dan in het Papiamento. Letterlijk: "Het klinkt gesloten". In de funk-jazz termen zou
men zeggen: "The band sounds thight". (naar boven)

De salsamuziek bestaat veelal uit twee delen. Het eerste gedeelte doet denken aan een happening waarbij de instrumentalisten
elkaar aftasten en de zanger de aanhef van een gebeurtenis bezingt. Op een gegeven moment komt er echter een ommekeer in het geheel en laten de muzikanten het accent steeds op dezelfde plaats vallen. Dit is het tweede gedeelte. Het koor valt dan in en
herhaalt zich steeds. De voorzanger Improviseert door en langs het koor heen, Die vertolker bezit dan een beperkte vrijheid tussen
het koor door, Een goede sonero is een zanger die de kunst verstaat tussen het koor door te 'jongleren' zonder daarbij de melodie en clave 'uit het oog' te verliezen. Het is geen wonder dat terecht gezegd wordt dat salsa een muziekvorm is vol misplaatste stiltes en anticipaties. Het arrangement mag wel vaak op papier staan, maar behoeft muzikanten met de juiste feeling zodat de zaak blijft swingen. De manier van salsa dansen verschilt zo hier en daar wat, De Puertoricanen en Cubanen plaatsen het accent anders dan de bailadores op Curaçao. Voor die lokale salsadansers lijkt het dan net alsof de bailadores uit Cuba en Puerto Rico uit de maat dansen (Casino). Uiteraard kun je dat echter moeilijk zeggen van mensen die uit een gemeenschap komen waar de salsamuziek is ontstaan. (naar boven)

Roots
Op zoek naar de roots van deze muziekstijl, komen we in eerste instantie terecht op Cuba. Om preciezer te zijn, in het begin van de 20e eeuw. Een expeditie naar de achtergronden van de salsamuziek, loopt dan parallel met de doorbraak van het Afro-Cubaanse slagwerk
op de populaire muziekscène op Cuba. Het Havana van de jaren twintig bestond uit ettelijke culturen en dientengevolge cultuurelementen die analoog aan de koloniale situatie naast elkaar bestonden. Afro-Cubaanse muziek en Noord-Amerikaanse charleston en foxtrot. Danzas, guarijas en habaneras van eigen bodem en conform de geest destijds een intolerante en repressie van alles wat zwart was. In het kleurrijke en dynamische culturele mozaïek van de voormalige slavenculturen van de vorige eeuw, waren de abakua, Congo en Yoruba een niet weg te denken onderdeel van de koloniale traditie. De Congo's vormen verschillende sekten gebaseerd op de oude Bantu-culturen, vermengd met invloeden uit het katholicisme. De Abakua en Lucumi bleven tot voor kort zeer besloten sekten. Star, dogmatisch en ondoorgrondelijk voor niet-ingewijden en buitenstaanders. Pas veel later, in de jaren zestig, begonnen de gesloten gemeenschappen van de Lucumi's en Abukua's in de openbaarheid te treden. De Bantu-cultus bleek niet zo homogeen en georganiseerd. Het gevolg hiervan was dat de muziek en dans gemakkelijker buiten het veld van de cultus kon worden gebracht. De verschillende sekten zoals de Palo Monte, Kimbasa, Mayombe en Briyumba lieten zich tijdens hun rituelen begeleiden
door andere unimembrafone trommels genaamd Tambores Yuka. De drie trommels--Caja, Cachimbo en Mula-- vormen de directe voorlopers van de tegenwoordige conga's in de salsa orkesten. De gestage ontwikkeling van de salsamuziek en muziekinstrumenten
van de Conga's bereikte een hoogtepunt in het begin van deze eeuw. Toen in Havana en Santiago het stadsproletariaat dans en
muziek van de Bantu ging assimileren aan de Europese structuur in de muziek. Zo onstond de Rumba. Twee rumbavormen, namelijk de guaguanco en de conga, werden via Rick Ricardo van de 'I Love Lucy Show' zelfs wereldberoemd. Door die ontwikkelingen ondergingen vele slagwerkinstrumenten ui de Bantu-culturen op Cuba een transformatie. De boku, een langwerpig dubbelslagwerkinstrument uit
het oosten van Cuba, onderging enkele veranderingen en werd als bongo een onmisbaar element in de latere son.      
(naar boven)

BRON: krantenartikel Curaçaose krant Amigoe

Salsa"saus"
Salsa, saus in het Spaans, is een begrip waar en veel en weinig onder valt. In de enge zin is salsa een muzieksoort, een moderne
variant van Latijns-Amerikaanse muziek. In de brede zin van het woord is salsa een verzamelnaam voor diverse soorten Latijns-Amerikaanse muziek en dans. Hoe zit dat nu precies en waar komt die salsa eigenlijk vandaan. Ofwel wat zijn de raises de la salsa.

Saus
Zoals gezegd, "salsa" betekent in het Spaans niets anders dan "saus". Cubaanse muzikanten gebruikten de term echter ook wel eens
om in een nummer een smeuïg gedeelte aan te duiden. In veel Zuidamerikaanse muziek komt een nummer na enkele coupletten tot
een climax, meestal in het zogenaamde montuno-gedeelte. Dit is een deel van een nummer dat iets extra's heeft, wordt als het ware overgoten met een lekkere saus/salsa.  
bron:

www.thelatinworld.nl geschreven door Jeroen Con Sabor                                                 (naar boven)

Emigranten
Na W.O. II trokken veel Latino's waaronder Cubanen, Puertoricanen, Colombianen en Venuzolanen naar de V.S. waar ze zich met name concentreerden in New York City. Allen brachten hun muzikale bagage mee. Deze vele muzieksoorten, waaronder de enorme verscheidenheid aan namen. Zo hebben de Cubanen bijvoorbeeld hun son, guaracha, rumba en danzon. Later kwamen daar de populair geworden mambo en cha-cha-cha bij. Puertoricanen brachten hun bomba en plena mee. Om enige ordening aan te brengen in deze terminologische jungle, werd naar een verzamelnaam gezocht die ook een buitenstaander kan onderscheiden.  
bron: www.thelatinworld.nl geschreven door Jeroen Con Sabor                                                 (naar boven)

New York
Op welk moment precies is moeilijk te zeggen, maar op een gegeven moment is de term "salsa" geadopteerd als verzamelnaam voor Latijns-Amerikaanse ritmes. Na verloop van tijd raakte de term "salsa" echter verbonden met een bepaald ritme. Dit gebeurde zo rond
de opkomst van het populaire platenlabel Fania in de vroeg-zeventiger jaren in New York. Artiesten die onder het Fania-label actief waren zijn: Celia Cruz, Willy Colon, Tito Puente, Ruben Blades en Ismael Miranda. Je zou dus kunnen stellen dat salsa is ontstaan in
New York, maar grotendeels is afgeleid van en geïnspireerd op Cubaanse muziek. Nog steeds is New York een van de hot-spots van het salsagebeuren. Toonaangevend is nu het RMM label met artiesten zoals Jose Alberto, La India, Marc Anthony, Tito Nieves en Celia Cruz.      
bron: www.thelatinworld.nl geschreven door Jeroen Con Sabor                                               (naar boven)

Cuba
Op het eiland Cuba is een buitengewoon grote verscheidenheid aan ritmes / muzieksoorten ontstaan. Als verklaring hiervoor kan een aantal factoren aangewezen worden, zoals bijvoorbeeld de kolonisator van dit eiland, Spanje. De Spanjaarden hadden zelf al een
sterke eigen muzikale traditie, die ze met zich meebrachten naar de "nieuwe wereld". Daarnaast lieten zij als een van de weinige Europese koloniale mogendheden de slaven vrij in het praktizeren van hun eigen muziek- en dansuitingen. Centraal in de muziek van
de uit Afrika afkomstige slaven, stond de trom en het ritme. De Spanjaarden brachten hun Europese instrumenten mee, zoals de gitaar, de piano en diverse blaasinstrumenten. Melodie speelde in de Europese muziek een centrale rol. Uit deze vermenging van Afrikaanse ritmes en Europese melodieën is de veelheid aan Cubaanse muziek ontstaan. Onder deze muzieksoorten vindt je zowel sterk op Afrikaanse leest gestoelde muziekvormen zoals de santeria-muziek behorende bij het Yoruba-geloof en de rumba als de meer van de Europese muziek afgeleide danzon, habanera en son.    
bron: www.thelatinworld.nl geschreven door Jeroen Con Sabor                                             (naar boven)

El Son
De son, parel van de populaire Cubaanse muziek, de blues van Cuba is aan het eind van de vorige eeuw ontstaan in de Oriente, de streek in het oosten van Cuba. Belangrijke stad in dit gebied is Santiago de Cuba, eens de hoofdstad van Cuba. De traditionele son
wordt gespeeld op de tres (gitaar), marimbula (houten box met metalen platen) of contra-bas, bongo (twee trommeltjes) en claves
(twee korte houten stokken). Later werden hier maracas en trompet aan toegevoegd. De claves zijn twee stokjes die een specifiek
ritme aangeven, simpelweg de clave genoemd. Dit ritme vormt de basis van nagenoeg alle Cubaanse populaire dansmuziek en de hedendaagse salsa. Grote namen in de traditionele son zijn Ignacio Pineiro, Miguel Matamores en Arsenio Rodriguez.
De son is een belangrijke cultuuruiting geworden op Cuba met haar muziek, dans en poëzie en is nog steeds enorm populair. In
Santiago de Cuba bestaat nog steeds het Casa de la Trova waar de traditionele son ten gehore wordt gebracht door bijvoorbeeld
Quatro patria. Een andere populaire vertolker van de traditionele son, maar met een uitgebreidere bezetting is de groep Sierra
Maestra. De son ontwikkelt zich echter nog steeds. Zo brengen artiesten als Adalberto Alvarez en Isaac Delgado een moderne vorm
van son ten gehore. Onlangs heeft zich een ware revival van de traditionele son voltrokken. Mede aangesticht door het door Ry Cooder verzamelde gezelschap Buena Vista Social Club, is de belangstelling voor de oude son klassiekers momenteel gigantisch groot. Met
een klap van de clave is een publiek bereikt en zijn verkopen gerealiseerd waar menig salsa-artiest al jaren van droomt.         
bron: www.thelatinworld.nl geschreven door Jeroen Con Sabor                                           (naar boven)

Salsa
De son werd door de Cubanen naar New York meegebracht. Door kruisbestuiving tussen de andere Latino's en de beschikbaarheid van nieuwe instrumenten en elektronica werd son salsa. Veel oudere Cubanen zeggen dat salsa in essentie eigenlijk de muziek is die in
de jaren veertig in Cuba werd gespeeld. In de film "Las raises de la salsa" (de wortels van de salsa) werd gesproken van son con son. Daarmee trachtte men aan te geven dat de hedendaagse salsa een krachtige uitvoering is van de traditionele son. In essentie is het ritme van de salsa, de clave en de accenten weliswaar hetzelfde als de son, toch is salsa niet hetzelfde. Het klinkt namelijk geheel anders. Salsa mag dan gebaseerd zijn op een oud concept, het is wel muziek van deze tijd. Muziek die strak wordt gespeeld, waarbij gebruikt gemaakt wordt van moderne opnametechnieken waardoor het goed in het gehoor ligt. Salsa voldoet aan de eisen van de dansers van deze tijd en klinkt als een klokje, ook in een dansclub. De moderne salsa is sterk genoeg gebleken om het op te nemen tegen de westerse rock en dance-industrie. Salsadansen wordt wereldwijd gepraktizeerd en via de salsa ontstaat ook de interesse in andere Latin ritmes. Gek genoeg is het momenteel de oude son die de interesse voor de moderne salsa wekt! Hoe het ook zij, alles is een erkenning van de kracht en schoonheid van de Latin muziek. (naar boven)

Ondertussen in Havana.
Terwijl de Salsa uit New York vanaf de jaren zeventig de wereld begon te veroveren, gingen ook in Cuba de ontwikkeling van
bijvoorbeeld de son door. In eerste instantie zat die ontwikkeling vooral in het toevoegen van meer instrumenten zoals een blazerssectie, piano, bongo’s en kleine percussie, conga’s, fluit en viool. Hierdoor groeiden de son-trio’s en kwartetten uit tot
sextetos en uiteindelijk tot charanga orkesten zoals Original de Mazanilla, Orquesta Reve en Grupo Manguare. Er werd echter ook naar nieuw wegen gezocht. Dit ging zowel door het gebruiken van jazz elementen zoals bijvoorbeeld bij Irakere te horen is. Anderzijds werd gezocht naar nieuwe ritmes. Een goed voorbeeld hiervan is de Songo die Juan Formell en zijn band Los Van Van ontwikkelde. De son is echter altijd de leidraad gebleven. Ook bij de moderne muziek van Cuba waaraan de naam timbre wordt gegeven. Basis is de son, maar
hieraan zijn scherpere breaks en accenten toegevoegd. Ook wordt gebruik gemaakt van drumstel en synthesizers. Voorbeelden van deze moderne populaire Cubaanse zijn Climax, Manollin en La Charanga Habanera.   
bron:

www.thelatinworld.nl geschreven door Jeroen Con Sabor                                 (naar boven)

Merengue
Merengue is toch de vrolijkste en meest dansbare vorm van Latijnsamerikaanse muziek, aldus Eddy Herrera (o.a. bekent van de hit Carolina). Deze uitspraak geeft in een notedop weer, wat merengue ongeveer is. Want inderdaad is merengue een zeer vrolijke Latijnsamerikaanse muziek- en dansstijl (ook al zijn er veel treurige merengues, maar dat terzijde) en erg dansbaar bovendien. De merengue is afkomstig van de Dominicaanse Republiek, een land op één van de grote Antillen, het eiland Hispaniola, dat de Dominicaanse Republiek moet delen met Haïti. Op dit eiland en om precies in de landbouwstreek Siboa, is de merengue ontstaan.
Dit moet gebeurt zijn zo in de eerste helft van de negentiende19-de eeuw.

Ook voor de merengue geldt, dat hij ontstaan is uit zowel Europese als Afrikaanse invloeden en instrumenten. De traditionele
merengue wordt gespeeld met een 'tambora', een trommel die zowel met een stok als met de hand bespeeld wordt en
verantwoordelijk is voor de onmiskenbare roffel tussen de vierde en de eerste tel. Verder is er de 'guïro', een rasp, meestal van
metaal, die over het algemeen met een afro-kam bespeeld wordt en een hoog raspend, slijpend tot sissend geluid voort brengt. Onmisbaar in de traditionele merengues, ofwel merengue tipico, is ook de accordeon. Al heel snel is de merengue uitgebreid met
een saxofoon, die een belangrijke rol in het onvermoeibaar antwoord op de zangpartij. Later zijn daar weer bijgekomen: de piano,
een blazerssectie, bongo's en andere percussie en synthesizers. Vaak gingen deze aanvullingen ten koste van de accordeon.

De merengue is in haar geschiedenis voor vele politieke doeleinden gebruikt. Zo werd hij vlak na zijn ontstaan gebruikt om zich af te zetten tegen het buurland Haïti. In de periode van 1930 tot 1961 is de merengue gebruikt door de toenmalige dictator Trujillo. Deze dictator, zelf afkomstig uit de rurale streek, hield dusdanig veel van de merengue, dat hij er zeker van wilde zijn dat hij ze kon horen
en dansen op ieder feest waar hij verscheen. Hij verklaarde de merengue daarom tot nationale muziek. Een tweede reden waarom
hij dit deed, was om de oude (stadse) elite te pesten, die tot dan toe neer keek op de merengue. Deze ontwikkeling heeft de
merengue in eerste instantie een enorme impuls gegeven. Het aantal Merengue-orkesten groeide explosief. Ook werd de merengue gebruikt als exportprodukt: sterke radiozenders bliezen de merengue ver het Caribisch gebied in. Er was echter ook een muzikale keerzijde aan de politieke bemoeienis met de merengue. Trujillo duldde, zoals het een dictator betaamt, geen ontwikkeling. De merengue bleef daarom steken op het niveau van de jaren dertig. Pas nadat Trujillo plaats maakte ging de ontwikkeling van de merengue verder. Ook in die tijd bleef de merengue voor politieke doeleinden gebruikt worden, in eerste instantie tegen Trujillo en
later als protest op de Amerikaanse invasie in 1965.

Sinds de jaren zestig heeft de ontwikkeling van de merengue een ware vlucht genomen met de introductie van nieuwe instrumenten
en techniek. De moderne merengues knallen tegenwoordig je speakers uit bij het draaien van bands al de Cocoband, Rockabanda, Frescabanda en Rikarena. Al deze bands houden echter wel vast aan de roots van de merengue: de guïro en saxofoon ontbreken vrijwel nooit en ook de tambora vind je meestal wel terug. Dat kun je niet vaak zeggen van de mengvormen die af en toe opduiken en waarin merengue gemengd wordt met rap of reggae of een discodreun. Er wordt echter ook nog wel veel merengue tipico gemaakt. Het
voorbeeld hiervan ligt mij nog vers in het geheugen (al is het al weer een tijdje geleden; op een woensdagnacht in Groningen speelde Francisco Uloa. Ken je die niet? Wie denk je dat er verantwoordelijk is voor die utrasnelle merengues op de c.d. Fogareté van Juan Luis Guerra/4.40.   

bron: www.thelatinworld.nl geschreven door Jeroen Con Sabor  (naar boven)

Zouk
Een romatische vorm van de Lambada begon in Porto Seguro, Bahia, Brazilië. De Zouk is een heel sensuele dans die momenteel erg populair aan het worden is.

 

Zouk is een sensuele, elegante en gracieuze dans. Het is de meest populaire muziek van de Franse Antillen (Guadeloupe en Martinique). In Brazilië wordt Zouk op een andere manier gedanst dan in andere delen van de wereld, met als bijzonderheid de volle lichaamsbewegingen. Opvallend bij deze dans zijn de golvende bewegingen en de 'drops'. Zouk is mooi om naar te kijken, maar vooral om te dansen. Los van dit alles is Zouk ook gewoon leuk om te doen, het geeft je een goede 'body excercise' en is bovendien erg ontspannend. Er bestaan twee soorten Zouk: het uiterst dansbare chire (ook wel beton genoemd) en de balladevorm zouk-love.

Voor een vorm van volksmuziek is het opmerkelijk dat Zouk zich voornamelijk ontwikkelt met elektrische instrumenten en in de opnamestudio. De muziek wordt doorgaans vertolkt op blazers, synthesizers, gitaar, bas en een gevarieerd scala aan percussie-instrumenten. Toch is een hoofdkenmerk van Zouk dat de muziek niet overvol klinkt, zoals veel andere Caribische genres dat wel
doen. Dat komt omdat niet alle instrumenten tegelijk gebruikt worden en variatie veelal verkregen wordt door het bewerken van
geluid, zoals dat ook bij dub gebeurt. Ofschoon er genoeg bands zijn, verzorgen doorgaans goedkope elektronische instrumenten tegenwoordig de ritmes en melodie, terwijl zangers en/of zangeressen er, in de studio of live op een podium, overheen zingen.
Daarmee kan supersterstatus verkregen worden.
Het woord “zouk” is Creools voor “feest”, maar staat ook voor de soundsystems die bij feesten worden ingezet. De mooie en passionele Zouk-muziek heeft oorspronkelijk een Afrikaanse achtergrond (o.a.Angola) en heeft zich in latere jaren verder ontwikkeld op de Kaapverdische eilanden en de Franse Antillen. Deze combinatie van Afrikaanse en Caribische achtergronden geeft Zouk zijn kracht.
Zouk stamt af van de Lambada. Het heeft een vergelijkbaar ritme als Lambada maar wordt (ook) gezongen in het Frans.
Tussen grofweg 1950 en 1980 ontwikkelt zich al dansend en feestend een eigen soort muziek, voortkomend uit een mix van diverse Caribische stijlen (bijvoorbeeld de compas van Haïti), reggae, calypso, Afrikaanse ritmes en de eigen carnavalritmes op de drums van Guadeloupe (gwo ka) en Martinique (tambour en bamboo).

In de jaren tachtig is het zouk-ritme het meest populaire 'uitheemse' element binnen de westerse pop. Op dit moment is de Zouk erg populair in steden als Rio de Janeiro, Sao Paolo, Buenos Aires, Tokyo, London, San Francisco en New York. Het begint nu ook erg
populair te worden in Amsterdam, Den Haag en Rotterdam. (naar boven)

Verschillende vormen van Salsa
Los Angeles Style Salsa

Salsa gedanst met de cross body lead als basis patroon. Deze heeft als oorsprong de Mambo dansstijl. Het danspaar begint op de
1e tel van de muziek te dansen en tegelijkertijd een accent te maken. Bijnamen:'de 180 graden dans', 'Salsa on 1'.

New York Style Salsa

Salsa gedanst met de cross body lead als basis patroon. Deze danssoort heeft als oorsprong de 'Hustle'(Latin dansstijl) in combinatie met de Mambo van de hoogtijdagen van het Palladium in New York. Deze danssoort is onderverdeeld in twee sub categorieën: Mambo Tipico en Eddie Torres Mambo Palladium Style.

 

Cubaanse Salsa

Salsa dansen terwijl het danspaar voornamelijk in cirkels om elkaar heen draait tijdens het dansen. De 'dile que no'en de
'Çumbia step' zijn de basis dansbewegingen. De Cubaanse Salsa dansstijl heeft als oorsprong de Cubaanse Son. En is tevens de basis dansstijl voor de Rueda de Casino Cubaanse en Rueda de Casino salsa dansstijlen.

Ruede de Casino (Cuban Style)

Rueda (= Wiel of Cirkel) de Casino (Cubaans dansen met gebruikmaking van danspatronen). De 'Rueda de Casino'(in de internationale salsa dansgemeenschap beter bekend als de Rueda) kan door minimaal 2 dansparen samen worden gedanst. Er is een zogenaamde 'caller' die de danspatronen aankondigt. Vervolgens voert iedereen deze tegelijkertijd uit. Rueda is de meest sociale van alle salsa danssoorten. (naar boven)

Mambo 'on 2'

Mambo heeft, net als Salsa, een aantal definities. Het is de benaming van twee soorten muziek en dansvormen. De Mambo van
de jaren 50 'voorbeeld: Luis Vega Mambo nr 5'en de mambo muziek van wijlen Tito Punete 'El rey del timbal'. Moderne Mambo muziek lijkt veel op salsa muziek, maar de conga heeft een iets dominantere rol. De accenten vallen op de 'slap' van de congabeat, dus
op de 2e en 6e tel in de muziek.

 (naar boven)

Rueda de Casino (Miami style)

Deze Cubaanse rondedans heeft als oorsprong de Rueda de Casino Cubaanse stijl. Deze moet door minimaal 2 dansparen samen
in een cirkel(=sp. 'Rueda') worden gedaan. Rueda de Casino Miami Style heeft 2 grote verschillen met zijn Cubaanse variant: zowel de Guaperia basis als de Vacilala zijn anders dan bij de Cubaanse Rueda. Rueda is de meest sociale van alle Salsa danssoorten.                                       (naar boven)